Je iPhone kan veel mooiere foto’s maken dan je nu denkt. Door een paar instellingen aan te passen zie je meteen een groot verschil.
Lees verder na de advertentie.
Je iPhone maakt pas écht mooie foto’s als je deze 3 fouten niet meer maakt
Veel mensen denken dat de foto’s die ze met hun iPhone-camera al maken al ‘oké’ zijn. Maar wil je écht betere foto’s maken? Dan moet je de volgende handige tips eventjes doorlezen.
Met een paar kleine instellingen maak je namelijk meteen betere foto’s op je iPhone, zonder extra apps of accessoires. Dit zijn de drie instellingen die je eventjes moet aanpassen.
1. Gebruik het raster voor een betere compositie
De meeste iPhone-gebruikers negeren het raster (grid), terwijl dit juist een van de krachtigste hulpmiddelen is. Het raster verdeelt je scherm in negen vlakken. Door je onderwerp niet in het midden te zetten van een foto (maar op een snijpunt van de lijnen) ogen je foto’s direct professioneler.

Dit wordt in de fotografie ook wel ‘de regel van derden’ genoemd. Het is een kleine aanpassing, maar het effect op je foto’s is groot. Om het raster aan te zetten ga je naar ‘Instellingen > Camera’. Scrol naar beneden en zet de schuifknop aan bij ‘Raster’.
2. Gebruik de fotografische stijlen
Veel mensen grijpen naar filters ná het maken van een foto om het contrast of kleur wat aan te passen, maar Apple heeft een veel betere oplossing. Met de functie fotografische stijlen stel je dit vooraf in.
Het verschil met filters? De fotografische stijlen werken tijdens het maken van de foto en houden rekening met de scène die je wilt vastleggen. Dat levert vaak natuurlijkere en dus betere foto’s iPhone op.

De fotografische stijlen vind je door de ‘Camera’-app te openen. Tik vervolgens rechtsboven op het icoontje met de zes puntjes. Kies daarna voor ‘Stijlen’. Pas vervolgens de stijl naar wens aan.
Voor oudere iPhones zijn sommige soms iets anders. Open de Camera-app, veeg omhoog en tik op het icoontje met de drie overlappende vierkantjes boven de opnameknop.
3. Schakel hoge resolutie in (48 MP)
Heb je een iPhone 14 Pro of nieuwer? Dan laat je met de standaardinstellingen flink wat kwaliteit liggen als je een Pro- of Pro Max-toestel hebt. Standaard schiet je iPhone vaak nog in 12 megapixel, terwijl recente toestellen ook in 48 megapixel kunnen schieten.

Door ProRAW en hoge resolutie in te schakelen, kun je net wat meer details in je foto’s zien. En dat is ideaal voor landschappen of foto’s die je later nog wilt bewerken.
Om de functie aan te zetten ga je naar ‘Instellingen > Camera’. Tik op ‘Bestandsstructeren’ en zet de optie aan bij ‘ProRAW- en resolutieregelaar’. In de Camera-app kun je dan door op het icoontje linksboven tikken. Vervolgens kun je zowel ‘Raw’ als ’48 MP’ aanzetten.
Meer iPhone-tips
- Je iPhone maakt pas écht mooie foto’s als je deze 3 fouten niet meer maakt (23 apr)
- Deze iPhone-functie bespaart je elke dag batterij (maar bijna niemand kent ‘m) (22 apr)
- Deze instelling op je smart-tv moet je direct inschakelen (voor beter beeld) (22 apr)
- AirDrop werkt niet: deze 4 oplossingen fixen al je problemen (21 apr)
- Deze leuke iOS 26-functie kun je bij ál je apps gebruiken: zo doe je dat (20 apr)