15 tips om meer uit Finder op je Mac te halen
Gijs Ettes

Finder is een functie die veel Mac(Book)-bezitters meerdere keren op een dag gebruiken. Met deze tips stel je orde op zaken en vind je sneller wat je zoekt.

De beste Finder tips op een rijtje

Finder vormt de basis om te navigeren door alle bestanden en mappen die op je Mac staan. Daarnaast bevat elk venster van Finder een zoekbalk waar je een opdracht kunt invoeren, waarna Spotlight gaat zoeken naar resultaten op de harde schijf van je Mac. Wil je echter meer halen uit de functie, probeer dan eens de Finder tips hieronder.

  1. Finder tipsNavigatiekolom aanpassen: de linkerzijbalk van Finder toont favoriete (en veelgebruikte) locaties als Downloads, Documenten en Programma’s. Door op Cmd + komma te drukken en naar ‘Navigatiekolom’ te gaan, kun je zelf bepalen welke items worden weergegeven.
  2. Kruimelpad tonen: standaard staat deze functie mogelijk uitgeschakeld, maar met de toetscombinatie Cmd + Alt + P kun je de statusbalk met kruimelpad inschakelen. Zo zie je precies waar een bestand zich op je Mac bevindt.
  3. Uitgebreider zoeken: open Finder en druk op Cmd + F om de uitgebreidere zoekfunctie te openen. Hier kun je bepaalde zoekcriteria met het plusteken toevoegen en je zoekopdracht specifieker maken met bijvoorbeeld de aanmaak- of bewerkingsdatum.
  4. Tabbladen gebruiken: handig als je bijvoorbeeld een bestand van de ene naar de andere map wilt verslepen. Houd Cmd ingedrukt en dubbelklik op een map om deze in een nieuw tabblad te openen.
  5. Kolommen toevoegen: standaard worden in Finder de kolommen Naam, Bewerkingsdatum, Grootte en Soort weergegeven. Wil je meer kolommen weergeven, zoals de aanmaakdatum, Ctrl + klik dan op de kolommenbalk en maak je selectie.
  6. Standaardmap aanpassen: als je Finder opent, wordt een standaardmap geopend. Die kun je echter wijzigen via Cmd + komma en door naar ‘Algemeen’ te gaan. Klik op de dropdown onder ‘Toon in nieuwe Finder-vensters’ om de gewenste map te kiezen.
  7. Zoeken in huidige map: klik bovenaan op ‘Finder > Voorkeuren > Geavanceerd’ en selecteer vanuit het dropdownmenu (Bij het uitvoeren van een zoekopdracht) de optie ‘Zoek in huidige map’.
  8. Slimme mappen: dit zijn mappen die voldoen aan specifieke zoekcriteria. Je kunt ze aanmaken door via de menubalk naar ‘Archief > Nieuwe slimme map’ (Alt+Cmd+N) te gaan. Vul vervolgens met het plusteken de gewenste criteria toe.
  9. Vensters samenvoegen: door tabbladen uit het Finder-venster te slepen, kun je losse vensters aanmaken. Wordt het allemaal wat te veel, klik dan in de menubalk op ‘Vensters > Voeg alle vensters samen’.
  10. Snel bestanden weergeven: wil je een foto bekijken zonder deze te openen, druk dan op spatie voor een preview. De toetscombinatie Alt + Cmd maakt de voorvertoning schermvullend.
  11. Voorvertoning: Sinds OS X Yosemite kun je een voorvertoning van bestanden in alle weergaven krijgen. Klik in de menubalk op ‘Weergave > Toon voorvertoning’ om deze handige functie te activeren.
  12. Bestanden afdrukken: je kunt vanuit Finder direct bestanden naar je printer sturen. Dat kan door op Cmd + P te drukken of in de menubalk naar ‘Archief > Druk af’ te gaan. Zo kun je nog sneller printen.
  13. Altijd openen met: Finder is zelf in staat om bestanden met het juiste programma te openen, maar je kunt ook handmatig een programma kiezen door een bestand aan te klikken en op Cmd + I te drukken. Klik vervolgens op ‘Open met’ en kies een programma uit het dropdownmenu.
  14. Knoppenbalk aanpassen: via de menubalk en ‘Weergave > Pas knoppenbalk aan’ kun je aanpassen welke items in de knoppenbalk van Finder staan. Selecteer zelf favoriete onderdelen en kies voor de weergave met tekst, symbolen of beide.
  15. Meerdere bestandsnamen wijzigen: houd Cmd ingedrukt en selecteer de juiste bestanden. Ctrl + klik, kies ‘Wijzig naam van X onderdelen’ en bepaal welke tekst je waarin wilt wijzigen.

Heb jij nog meer handige Finder tips? Deel ze in de comments!

Draag ook bij aan dit artikel

Deel je kennis of stel een vraag. Dat kan anoniem of met een Disqus account.